Germaine Richier (1902-1959) was een Franse beeldhouwster, die enigszins in de vergetelheid dreigde te geraken maar nu door het Museum Beelden aan Zee in Scheveningen daarvan gered is met de tentoonstelling Mensbeeld – Mensbeest. Terecht, want ze heeft bijgedragen aan de cultuur van het schaakspel in de vorm van een beeldengroep met een schaakmotief. Het draagt de titel Het schaakbord, groot (L’Echiquier, grand) en Richier maakte het vlak voor haar dood in 1959. De bekendste versie van dit werk bevindt zich in de Jardin des Tuileries, Parijs. Het is niet ongebruikelijk om van een beeldhouwwerk meerdere exemplaren te vervaardigen. Tot ons geluk, want er staat dus ook een exemplaar van dit werk op de tentoonstelling in Scheveningen. Het is geplaatst in de Grote Zaal. Om een idee van de waarde te geven: in 2014 veilde Christie’s een exemplaar voor ruim anderhalf miljoen euro.
De beeldengroep bestaat uit vijf elementen die elk een schaakstuk voorstellen; alleen de pion heeft geen representant gekregen. De creaties van Richier worden gekenmerkt door zowel menselijke als dierlijke elementen. Dat verklaart de titel van deze tentoonstelling. Er is duidelijk enige gelijkenis met het bekende schaakbeeld van Max Ernst De koning spelend met de dame. Richiers schaakstukken zien er enerzijds zeer dreigend uit, maar tegelijkertijd zien ze er uit als veteranen gehavend door de vele keren dat ze aan de schaakstrijd hebben deelgenomen. Het donkergekleurde brons draagt bij aan die dreigende en sombere indruk. Of Richier dat ook zo bedoeld heeft is de vraag. Zelf heeft ze de donkere bronzen versies nooit gezien. Ze had alleen een lichte versie van gips gemaakt en die met kleurige verf beschilderd. Deze versie is eigendom van de Tate Gallery in Londen.
De titel Het schaakbord, groot suggereert dat er ook een kunstwerk van haar hand is met de titel Het schaakbord, klein (L’Echiquier, petit). Dat klopt, Richier heeft in 1955 een werk met die titel vervaardigd. De geschatte waarde daarvan is rond de vier ton, gebaseerd op een veiling van Christie’s in 2013. Het grote schaakbord lijkt sterk op het kleine schaakbord. Een verschil is dat het kleine kunstwerk een ondergrond heeft, zodat de schaakstukken een vaste opstelling hebben. De kleine versie is niet te zien op de tentoonstelling Mensbeeld – Mensbeest die u nog tot 6 september kunt bezoeken.
Bij mijn bezoek in juni was er overigens nog een tweede schaakkunstwerk in het museum te bewonderen. Het is gemaakt door Klaas Gubbels in 2016 en heeft als titel Max. De voor Gubbels kenmerkende tafel en koffiepot is aangevuld met een schaakpaard dat aan een ex libris van Euwe zou zijn ontleend.
Tot wanneer u dit werk in Museum Beelden aan Zee kunt zien is niet te zeggen, omdat het er stond (staat?) in afwachting van retour aan de eigenaar. Max was onderdeel van een eerdere tentoonstelling in Museum Beelden aan Zee. Het staat in de Lichthof (een plattegrond is bij de kassa verkrijgbaar). Dat deel van het museum kunt u vanaf het hooggelegen terras zien, maar u kunt die binnenplaats ook bezoeken. Daarvoor moet u wel met enige doortastendheid een weinig uitnodigend stalen hekwerk passeren. Voor degene die de tentoonstelling gaat bezoeken, hoop ik dat Max er nog steeds staat.
Tot 20 oktober 2019 wordt in museum De Casteelse Poortin Wageningen ( https://www.casteelsepoort.nl/) een tentoonstelling gehouden over het werk van de voor de oudere generatie nog bekende kunstenaar Eppo Doeve, die leefde van 1907 tot 1981
Eppo Doeve heeft 5 jaar in Wageningen gewoond en dat waren 5 doorslaggevende jaren voor de rest van zijn boeiende leven. Het Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid heeft samen met het museum met “Eppo Doeve terug in Wageningen” een boeiende tentoonstelling opgezet over deze veelzijdige kunstenaar.
Hij is bekend van zijn spotprenten voor de AVRO en in de Groene Amsterdammer maar daarmee doe je hem te kort. Hij was ook jazzmuzikant en toneelspeler en ontwierp in de jaren 50-70 onder andere bankbiljetten, affiches, boekomslagen en olieverfschilderijen.
De tentoonstelling legt de nadruk op zijn Wageningse periode. En laat daar nauw een schaakafbeelding tussen zitten. Jan Hein Donner tegen een robot. Of Eppo Doeve Jan Hein kende, weet ik niet, maar het ligt wel voor de hand. Doeve kende ook de kunst van het genieten en kende veel mensen uit het uitgaansleven.
Het Rijksmuseum van Oudheden (RMO) in Leiden is in Nederland het Rijksmuseum voor de middeleeuwen. Je zou je dus in de collectie van dit museum ook de nodige schaakstukken verwachten. Dit zeker als je ziet wat er in andere musea en op middeleeuwse kastelen over deze periode op het gebied van schaken te vinden is. Echter tot nu toe had ik daar nog nooit iets van gezien. En ik had ook al eens in de elektronische collectie op internet op termen als ‘schaken’, ‘schaakspel’ of ‘schaakstuk(ken)’ gezocht, maar dat gaf helaas 0,0 als resultaat.
Dus was ik heel plezierig verrast en verbaasd, toen ik (tijdens de opening van) de tentoonstelling middeleeuwse tuinen in het Rijksmuseum van Oudheden ineens een veelheid aan schaakzaken mocht aantreffen. Deze tentoonstelling is te zien van 3 mei tot en met 1 september 2019 en het betreft een grote tentoonstelling met ruim 200 objecten.
In de tentoonstelling geven archeologische vondsten en kunstwerken een beeld van de weelde, het belang en de diversiteit van tuinen in de westers-christelijke en de oosters-islamitische wereld tussen 1200 en 1600. Hierbij wordt getoond welke bloemen en planten in de middeleeuwse tuinen groeiden en zijn
er herbaria en verluchte boeken met oosterse en westerse bloemmotieven en gedroogde planten. Maar u treft er ook middeleeuwse gereedschappen, een opgegraven gieter, zaden en veertjes, valkenkapjes, schaakstukken, medicijnpotten muziekinstrumenten, tegeltableaus en servies met bloemmotieven aan.
De verschillende typen middeleeuwse tuinen krijgen op de expositie elk een eigen ‘kabinet.’ De tentoonstelling begint met een moestuin (waar men groente zoals kool een peen e.d. kweekte om als moes op te eten (vergelijk ‘appelmoes’) met middeleeuwse gieters en een duimgieter. Na de moestuin volgen de kruidentuin en de siertuin, het besloten hof, de lusthof, het liefdeshof en de ‘religieuze’ hortus conclusus voor de uitverkoren Maria en Jezus Christus in de rol van ‘tuinman.’ En de tentoonstelling eindigt uiteindelijk bij de paradijstuin.
Wist u dat ons word paradijs is afgeleid van het Oud-Perzische woord ‘pairidaeza’, dat zoiets als omheinde tuin betekent. Zowel in de koran als in de bijbel is het paradijs beschreven als een tuin met eeuwig stromende rivieren, groenblijvende planten en dier en mens in harmonie.
Maar voor ons als schakers is op deze tentoonstelling vooral de liefdestuin het Paradijs. Uit de begeleidende tekst bij de tentoonstelling geef ik het volgende citaat:
“Veel middeleeuwse bordspellen zijn zeer geschikt om buiten te spelen, zoals triktrak en schaken. Het schaakspel was vaak een aanleiding, of smoes, om je langdurig met één persoon te kunnen afzonderen. Schaakstukken worden regelmatig bij opgravingen gevonden, vaak op locaties van (voormalige) kastelen, maar ook op plekken in de stad.” En hier vinden we in een en dezelfde vitrine (afbeelding) zomaar ineens:
5 ivoren schaakstukken (1300-1500) gevonden bij de Aalmarkt in Leiden
een benen schaakpaard (1375-1425) opgegraven bij de Olofspoort in Amsterdam
een houten schaakstuk (1550-1600) opgegraven bij de nieuwe Herengracht in Amsterdam
een speelbord (1600-1650) opgegraven bij de Oudezijds Voorburgwal in Amsterdam
Ik heb op internet proberen na te gaan wanneer deze – mij tot nu toe onbekende – schaakstukken opgegraven zijn. Slechts het benen schaakpaard kon ik terugvinden. Dit schaakstuk werd aangetroffen bij stadsarcheologisch onderzoek dat in 1969 in Amsterdam plaatsvond bij de Olofskapel nabij de voormalige Olofspoort. Het schaakstuk bevond zich in de grachtvulling die afkomstig was uit de periode 1375-1425. Vandaar dat het stuk gedateerd wordt als zijnde afkomstig uit dezelfde periode. Hiermee behoort dit schaakpaard tot de oudst bekende schaakstukken in Nederland. Opvallend is ook de abstract vorm van het schaakstuk. Hiermee sluit dit schaakstuk aan op de sterk gestileerde Arabische traditie. Het schaakstuk, gesneden uit been, betreft een paard. De vorm bovenaan stelt het hoofd van het paard voor en de drie evenwijdige inkepingen duiden op het dragen van een schild. Verder verwijzen de verticale lijnen beneden naar de plooien van een toernooikleed.
Van de 5 ivoren schaakstukken gevonden bij de Aalmarkt in Leiden kon ik verder geen informatie vinden. Daarbij is de Aalmarkt een locatie in het centrum van Leiden waar reeds sinds ongeveer 1200 stedelijke bewoning plaatsvindt. Een gebied waar eerst een concentratie ambachtslieden, met name smeden en later schoenmakers en leerlooiers gewoond hebben. Vanaf circa 1276 werd in dit gebied het St.-Catharinagasthuis gesticht en in 1862 werd hier de Aalmarktschool gebouwd. In dit gebied heeft de laatste halve eeuw het nodige archeologisch onderzoek plaatsgevonden. En daarnaast is er uit de ophogingslagen tegen deze beschoeiingen van de kade en de nabijgelegen gracht het nodige archeologisch materiaal omhoog gekomen. Maar over de vondst van de 5 ivoren schaakstukken kan ik echter niets specifieks vinden.
Van het houten schaakstuk (1550-1600) opgegraven bij de nieuwe Herengracht in Amsterdam neem ik aan dat het stamt uit een van de vele uit de grachten opgegraven sliblagen. Slib werd in dit gebied in het verleden veel gebruikt ter ophoging van de kades. En anders kan het houten schaakstuk stammen uit een noodopgraving welke hier af en toe bij funderingswerkzaamheden nodig geweest zijn. Bij die nood-opgravingen werd dan veelal een oude beerput leeg gehaald.
En over het speelbord (1600-1650) opgegraven bij de Oudezijds Voorburgwal in Amsterdam kan ik ook geen nadere gegevens vinden. Overigens betreft het een speelbord uit leisteen, waar de velden met een scherp voorwerp ingekrast zijn. Het plaatje is een beetje onduidelijk maar het betreft duidelijk geen 8×8 velden. En verder ontbreekt (niet ongebruikelijk in die tijd) de zwart-witte inkleuring van de velden. Nadere toelichting ontbreekt, maar mij lijkt het een speelbord en geen schaakbord.
Maar ook de literatuur komt in de tentoonstelling uitgebreid aan bod. Daarmee is het volgende schaaktechnische object op de tentoonstelling een boek. We vinden in de tentoonstelling een afbeelding van schaken in de Perzische tuin (1556-1565) en het hierbij afgebeelde boek – geleend uit de universiteitsbibliotheek Leiden – met een afbeelding van Tristan en Isolde schakende in de liefdestuin. Hierbij een paar citaten van begeleidende teksten bij de tentoonstelling: Middeleeuwers waren gefascineerd door de tuin als oord van liefde, waar geliefden elkaar – in het geheim – konden ontmoeten en zich terugtrekken. De liefdestuin, van de rest van de wereld afgezonderd, zagen zij als de plek voor een schaakspel, voor muziek en dans, een gestolen kus en het liefdesspel zelf.” .
“De tuin is in de middeleeuwse literatuur de plek om neer te zitten of liggen met je geliefde. Tuinen zijn plaats van akte voor ontmoetingen met onmogelijke liefde, zoals bij Tristan en Isolde, of een gedroomde geliefde, zoals in de gedichten van Hafiz. Ook officiële paren, zoals koningskoppels in de Perzische Shanama (Boek der Koningen), worden beschreven en afgebeeld in een liefleke tuin, zittend op tapijten, goed voorzien van eten, drinken en muziek.”.
Het verhaal van Tristan en Isolde schakend in de liefdestuin is een literaire thema, dat in boeken maar ook op trippen (overschoenen) te zien is. De tentoonstelling toont ook nog een unieke leren snip die in 1979 in de binnenstad van Leiden, nabij de Boterwaag, gevonden werd. Want bij graafwerkzaamheden voor de aanleg van een rioolsleuf werden verscheidene laat- en postmiddeleeuwse ophogings- en afvallagen aangesneden en werden talrijke vondsten gedaan. Daarbij werd de leren snip in een ‘verrommelde’ berg uitgegraven grond gevonden. Een dergelijke vondst wordt door archeologen een ‘losse vondst’ genoemd, hetgeen wil zeggen dat een object los van zijn vondstcontext is aangetroffen en daardoor niet direct in verband gebracht kan worden met de overige artefacten of aanwezige grondsporen. Het leren trippenblad wordt gedateerd op circa 1400.
Een bijzonder detail: de trip ligt in een vitrine met een paar pullen, want “afbeeldingen van minnende paren in de tuin tonen meestal een karaf, glazen of een bierpul: kussen maakt dorstig.”.
De driehoekige trip is rijk versierd. De centrale voorstelling bestaat uit geliefden Tristan en Isolde aan weerszijden van een schaakbord (met maar 16 velden). Op de voorgrond bevindt zich een waterput en op de achtergrond een boom. En naast de schakende draagt het trippenblad de hoofse tekst ‘Altoes blide so wat ick lide’, hetgeen zoveel betekent als ‘steeds verheugd, (maar) evenzeer lijd ik’. De voorstelling is aangebracht volgens het procedé van het zogenaamde blinddrukken, waarbij het leer eerst vochtig werd gemaakt en daarna met een verwarmde metalen stempel werd bedrukt.
Dergelijke trippen werden meer in Holland gevonden. Ze vormden de bovenbladen van laatmiddeleeuwse slippers, een schoeiseltype dat, zo blijkt uit talrijke icono-grafische bronnen, vooral door vrouwen gedragen werd. De bovenbladen kunnen met verschillende voorstellingen versierd zijn, zoals fabeldieren, afbeeldingen van een bruid en bruidegom, of voorstellingen met de boomgaardscène uit de roman van Tristan en Isolde, waarvan sprake is bij dit exemplaar uit Leiden. Men vermoedt dat dergelijk rijk versierde trippen door de bruidegom als huwelijksgift aan de bruid werden geschonken. Bekend is ook dat in verschillende steden door het bruidspaar schoenen aan de bruiloftsgasten werden geschonken.
Bij de tentoonstelling hoort ook het boekje ‘Middeleeuwse tuinen – aardse paradijzen in oost en west, 1200-1600’. (96 pagina’s, full colour, prijs: € 12,50.) Dit boekje is gemaakt onder redactie van Annemarieke Willemsen, conservator collectie Nederland middeleeuwen van het Rijksmuseum van Oudheden. En dittentoonstellingsboekje is voor ons schakers nog een extra toegift met een hoofdstuk ‘schaken in de tuin’ en met een aansluitend hoofdstuk ‘Tristan en Isolde in de boomgaard. Dit laatste hoofdstuk met een afbeelding van het boek waarin Tristan en Isolde in de liefdestuin zitten te schaken, alsmede met een verwijzing naar een trip (de overschoen, aanwezig in de tentoonstelling), waarop ditzelfde te zien is.
En de hoop is natuurlijk dat we in de nabije toekomst meer (middeleeuwse) schaakobjecten in het RMO gaan aantreffen.
Van 13 december t/m 20 januari wordt er in de Centrale Bibliotheek in Rotterdam een bijzondere tentoonstelling van mooie en vreemde schaakspelen, historische weetjes en wonderlijke anekdotes over het schaakspel gehouden.
Wie aan de Centrale Bibliotheek in Rotterdam denkt, denkt aan het aan het grote schaakspel in de hal. Nu houdt de bibliotheek ook weer een tentoonstelling over schaken.
Uit de aankondiging bij de tentoonstelling in 2018-2019: Wist je dat er in de geschiedenis heel veel bijzondere schaakspellen zijn ontworpen? Al eeuwen heeft het schaakspel ontelbaar veel aanhangers: van de oude Perzen naar Napoleon tot de Wu Tang Clan. In deze tentoonstelling zien we mooie en vreemde schaakspelen, historische weetjes en wonderlijke anekdotes over het spel dat mensen al eeuwenlang verbindt.
Adres: Hoogstraat 110, 3011 PV Rotterdam Locatie: Centrale Hal Toegang: Gratis
De tentoonstelling doet denken aan de tentoonstelling uit 2005 zoals toen i.s..m. de Motiefgroep Schaken in de Centrale bibliotheek in Rotterdam gehouden werd.
De tentoonstelling ‘De Communisten. In Verzet tegen Fascisme en Kapitaal’ toont de geschiedenis aan de hand van vele verzetsposters, kranten, foto’s, videomateriaal en muziekfragmenten. De verhalen van het communistisch verzet komen tot leven in historische verzetsobjecten uit Nederland en Duitsland: van een stencilmachine waarmee De Waarheid werd gedrukt tot sabotagegereedschap waarmee treinen werden ontspoord.
De vervolging van de communisten wordt vertelt aan de hand van bijzondere documenten en objecten..Een van de topstukken van deze tentoonstelling is een schaakspel van verzetsman Nico Mourer (1900-1965) dat gemaakt is van … brood!
Net als Dr. B. uit Schaaknovelle was Nico Mourer gevangen gezet door de nazi’s. Ter afleiding van de ontberingen en verveling had hij een schaakspel gemaakt. Het enige materiaal dat daarvoor beschikbaar was waren broodkruimels. Mourer maakte dit schaakspel tijdens zijn gevangenschap in het Huis van Bewaring in Groningen in 1941. Sindsdien heeft hij het altijd bewaard in een pillendoosje. Mourer belandde later in het concentratiekamp Sachsenhausen, maar wist de oorlog te overleven.
Omdat Mourer had meegevochten bij de Republikeinen in de Spaanse Burgeroorlog, was hem al voor de Tweede Wereldoorlog zijn Nederlands staatsburgerschap en paspoort ontnomen. Ondanks Mourers verdiensten voor het Verzet weigerde de Nederlandse regering lange tijd hem het Nederlands staatsburgerschap terug te geven. Pas in 1963 werd dit onrecht hersteld. In het boek Raadselvader van de dochter van Berry Withuis, Jolande Withuis, kunt u op de bladzijden 179 tot 182 een korte levensbeschrijving over Nico Mourer vinden.
In het tv-programma De Strijd van BNNVARA van 10 november 2015 liet een kleindochter het schaakspel en de Franse onderscheiding zien. Die beelden kunt u zien via https://programma.bnnvara.nl/de-strijd/media/349089. –> link werkt niet meer Hieronder foto’s van dit schaakspel zoals het staat opgesteld bij de tentoonstelling in het Nationaal Bevrijdingsmuseum en zoals opgeborgen in het pillendoosje.
De tentoonstelling is wegens succes verlengd t/m 31 maart 2019
Tentoonstelling in Nationaal Bevrijdingsmuseum in Groesbeek
oktober 2018
Tentoonstelling De Communisten – In Verzet tegen Fascisme en Kapitaal in het Nationaal Bevrijdingsmuseum in Groesbeek
Van 23 februari t/m 3 juni 2018 wordt in het Museum Catharijneconvent de tentoonstelling Magische miniaturen gehouden. Deze tentoonstelling toont minutieus geschilderde illustraties (zogenoemde miniaturen) uit middeleeuwse handschriften. Daarop zijn in vele heldere kleuren allerlei tot in detail uitgewerkte bloemen, dieren, fantasiewezens, ridders en jonkvrouwen, en nog veel meer te zien.
En in de tentoonstelling worden middeleeuwse handschriften uit wel vijftien verschillende Nederlandse collecties samengebracht. Daaronder middeleeuwse handschriften en boeken uit de Koninklijke Bibliotheek, uit het Rijksmuseum, uit Museum Meermanno en uit de universiteitsbibliotheken van Utrecht, Groningen en Leiden.
Bijzonder voor de schaakverzamelaars is dat op deze tentoonstelling ook de roman Walewein en het zwevende schaakspeluit de Universiteitsbibliotheek van Leiden te zien is. Dit exemplaar is het enige nog bestaande volledige exemplaar van deze middeleeuwse ridderroman. Daarnaast bestaat er slechts een incompleet exemplaar van later datum in de universiteitsbibliotheek van Gent.
De roman Walewein en het zwevende schaakspel is geschreven door de schrijvers Penninc en Pieter Vostaert. Penninc begon het boek rond 1250 en heeft de eerste circa 8000 versregels geschreven. Men vermoedt dat Penninc, wat waarschijnlijk een artiestennaam was iemand die kennelijk geregeld een tekort aan geld had, vanwege gezondheidsredenen het werk niet kon afmaken. Pieter Vostaert heeft de roman daarna voltooid, namelijk door er nog zo’n 3300 verzen aan toe te voegen. Het bewaard gebleven exemplaar is door een kopiist gedateerd op M CCC en de L.
Dit laatste exemplaar van de roman Walewein en het zwevende schaakspel is zelden voor het publiek te zien. De laatste keer dat dit gebeurde was 5 jaar terug, in 2013 in Leids stedelijk museum De Lakenhal (aan de Oude Singel gelegen) in een tentoonstelling Wereldschatten, met de ondertitel Van Cicero tot Erwin Olaf; Ontdek de bijzondere collecties van de Universiteit Leiden.
Bij die tentoonstelling uit 2013 hoorde ook een begeleidende boekje, waarin het volgende over de roman Walewein en het zwevende schaakspel geschreven werd:
“Dit beroemde manuscript in het Middelnederlands ligt opengeslagen op de miniatuur met ridder Walewein die het zwevende schaakbord achtervolgt. Volgens het verhaal volgt Walewein dit mysterieuze schaakbord nadat koning Arthur zijn ridders had uitgedaagd het voor hem op te halen. De miniatuur is opvallend door zijn rode achtergrond. Opmerkelijk is ook het schaakbord zelf; het heeft 56 velden in plaats van 64. Dit is mogelijk niet zozeer het resultaat van een fout van de tekenaar alswel een vroege poging om perspectief te suggereren. Waarschijnlijk was de miniatuur oorspronkelijk geheel ingekleurd; her en der zijn nog resten van andere kleuren te ontdekken. De tekst op de rechterpagina opent met een met fijn penwerk versierde letter.” (Zie artikel uit 2013).
De tentoonstelling in Utrecht is een goede kans om dit laatste exemplaar te gaan bekijken. En het boek ligt nog ook nog eens open op de pagina van met het miniatuur van het zwevende schaakspel (afbeelding boven).
Overigens zien we dit zwevende schaakspel ook afgebeeld in het Koopmanshuis in het Archeon in Alphen aan de Rijn (zie daarvoor de onlangs verschenen ‘Reisgids voor schaakliefhebbers’ van de hand van Rob Spaans.) En in 1966 is er een Nederlandse postzegel verschenen voor deze middeleeuwse roman (in een serie over Nederlandse literatuur). Echter op die postzegel was, om welke reden dan ook, nog slechts Walewein te zien en was het zwevende schaakspel dat rechts boven de ridder te zien zou moeten zijn er simpelweg ‘afgeknipt’.
Subtitel: ‘hij veroorzaakte meer schade (voor de Katholieke kerk) dan Luther en Melanchthon’.
Het is niet naast de deur, maar in het Stadmuseum Jena is er van 31 oktober 2017 tot en met 4 maart 2018 een tentoonstelling met als beeldbepalende affiche de afbeelding van het schilderij hiernaast.
Onderwerp van de tentoonstelling is Keurvorst Johann Friedrich I van Saksen (1503-1554) en meer specifiek de periode dat hij na de slag bij Mühlberg an der Elbe (24 april 1547) de gevangene van Keizer Karel V was.
De poster van de tentoonstelling toont een schilderij van Samuel Blättner, in privébezit van Thomas Thomsen, welk schilderij ook zelf op de tentoon-stelling te zien is. Het schilderij verbeeldt de beroemde scène, waarin Keurvorst Johann Friedrich (rechts afgebeeld), tijdens een partij schaken met de eveneens gevangen genomen Hertog Ernst van Braunschweig, zijn doodvonnis te horen krijgt. Overigens is het doodvonnis nooit voltrokken, maar is Keurvorst Johann Friedrich na 5 jaar gevangenschap naar zijn Hertogdom Saksen teruggekeerd.
Iets meer dan 500 jaar geleden, op 31 oktober 2017, spijkerde Maarten Luther zijn 95 stellingen aan de deur van de slotkerk te Wittenberg. Daarmee werd er een revolutie in de toenmalige Katholieke kerk veroorzaakt. Deze gebeurtenis wordt nu gezien als het begin van de Reformatie. Keurvorst Johann Friedrich I van Saksen was de beschermheer van Maarten Luther. En nadat Maarten Luther op de rijksdag te Worms voor keizer en vorsten geweigerd had zijn geschriften te herroepen, deden zowel de Paus als de Keizer Maarten Luther in de ban. Deze kerkelijke en wereldlijke ban betekende dat iedereen Maarten Luther ongestraft kon doden en dat niemand hem mocht helpen. Maar keurvorst Johann Friedrich liet Luther na zijn terugkomst van de rijksdag ontvoeren naar het slot de Wartburg bij Eisenach.
En als u toch in de buurt bent, de Wartburg (naamgever van het Oost-Duitse automerk) is ook zeer bezienswaardig (zie foto).
Op de Wartburg liet Maarten Luther zijn haren groeien en hij dook onder als jonker Jörg. En op de Wartburg vertaalde Luther in recordtijd de bijbel, tot dan toe alleen beschikbaar in het Latijn, in het Duits. Een historisch zeer belangrijke gebeurtenis, want hiermee werd de bijbel voor het eerst voor veel meer mensen toegankelijk.
Maarten Luther verkreeg veel aanhangers en er ontstond een wereld waarin ook vorsten moesten kiezen tussen het Katholieke en het Protestantse geloof. Uiteindelijk leidde dit alles op 24 april 1547 tot een veldslag tussen het leger van Keizer Karel V en het leger van Keurvorst Johann Friedrich I van Saksen bij Mühlberg an der Elbe. Een veldslag welke Keurvorst Johann Friedrich I van Saksen verloor. Dit met name door het verraad van zijn neef Maurits van Saksen, Lutheraan en oorspronkelijk ook een fel tegenstander van keizer Karel V. De aanvoerders van het zogenoemde Smalkaldisch Verbond, Keurvorst Johann Friedrich en Hertog Ernst van Braunschweig werden gevangen genomen. En Keurvorst Johann Friedrich werd ter dood veroordeeld, een vonnis welke hij tijdens een partijtje schaken te horen kreeg.
De scène met de doodsboodschap aan het schaakbord is vaker op een schilderij afgebeeld. Zo zullen de meeste leden van de Motiefgroep bijgaande ansichtkaart wel kennen. Het toont een schilderij uit circa 1548-1554 (exacte jaartal niet bekend) van Jan Cornelisz Vermeyen. Het schilderij zelf hangt in het Schloßmuseum in Gotha.
Links op het schilderij zien we Keurvorst Johann Friedrich I van Saksen die zijn doodvonnis te horen krijgt, maar uiterlijk onbewogen zijn schaakpartij voorzet. Van de rechter persoon is lange tijd aangenomen dat dit zijn medegevangene Hertog Ernst van Braunschweig zou zijn, inmiddels wordt echter veronderstelt dat het een anonieme Spaanse bewaker is. Vergelijk de afgebeelde personen overigens eens met die van het schilderij van Samuel Blättner.
Het schilderij van Jan Cornelisz Vermeyen is geschilderd in Brussel en bekend is dat Keurvorst Johann Friedrich het zelf, terwijl hij op dat moment nog de gevangene van Karel V was, in opdracht heeft gegeven.
Johann Friedrich werd dus gevangen genomen en ter dood veroordeeld, maar het vonnis werd veranderd in een levenslange gevangenschap. Uiteindelijk was hij 5 jaar de gevangene van Keizer Karel V. In die periode reisde hij als gevangene in het gevolg van Karel V mee door heel Europa. Wel verloor hij een groot deel van zijn Hertogdom Saksen, waaronder onder andere zijn slot Hartenfels bij Torgau en de Universiteitsstad Wittenberg, alsmede de keurvorstelijke rechten aan zijn verraderlijke neef Maurits van Saksen. Maurits werd hiervoor in Saksen “de Judas
van Meissen” genoemd.
(Keurvorst is een waarschijnlijk voor velen onbekend begrip. Maar in die tijd was de Keizerkroon niet erfelijk van vader op zoon en de Keurvorsten waren die vorsten welke, na de dood van de vorige keizer, verantwoordelijk waren voor het kiezen van een nieuwe keizer.)
De tentoonstelling in Jena gaat met name over de 5 jaar dat Johann Friedrich als de gevangene van Keizer Karel V in diens gevolg door heel Europa meereisde. Zo stond hij gedurende deze gehele periode in contact met zijn vrouw Sibylle van Jülich-Kleve-Berg, hij regeerde zijn Hertogdom Saksen op afstand en gaf opdracht voor onder andere de stichting van de Universiteit Jena en voor de bouw van het Jachtslot ‘Fröhliche Wiederkunft.’ In 1552 werd Johann Friedrich begenadigd en keerde hij naar zijn Hertogdom Saksen terug.
In de tentoonstelling is te zien hoe Johann Friedrich zijn tijd in gevangenschap zo vorstelijk mogelijk probeerde door te brengen. Dit onder anderen met het spelen van schaken en van diverse kaartspelen.
En hoewel het Karel V gelukt was om de protestantse legers te verslaan, lukte het hem uiteindelijk niet om de eenheid in zijn rijk te herstellen en om het katholicisme weer als staatsgodsdienst ingevoerd te krijgen. In 1555 werd de Godsdienstvrede van Augsburg getekend waarin werd gesteld dat de religie van de vorst ook de religie van het gebied zou worden.
Op 4 maart 2018 om 15 uur eindigt de tentoonstelling in het Stadtmuseum Jena met een sluitings-bijeenkomst (dat is weer eens wat nieuws). Adres: Stadtmuseum Jena, Markt 7, Jena www.stadtmuseum-jena.de.
Het Erzgebirge heeft een lange traditie van houtbewerking. En één van die plaatsen in het Erzgebirge is Borstendorf. Hier ontstonden vanaf 1871 (met firma Ernst Wittig als de eerste) schaakfabrieken en werden er in meerdere bedrijven zowel schaakborden als schaakstukken (en damschijven) gefabriceerd. En na de tweede Wereldoorlog werd het toen in de DDR gelegen Borstendorf zelfs de leverancier van alle schaakborden in de DDR en ook leverde men schaakstukken en schaakborden naar een aantal andere Oostbloklanden.
Maar na de val van de muur en de hereniging van Oost- en West-Duitsland veranderde alles. De verouderde en nog heel handmatig werkende fabriekjes in Borstendorf konden de concurrentie met de West-Duitse industrie niet aan en verdwenen uiteindelijk allemaal. Dit vooral ook omdat de West-Duitse industrie veel verder geautomatiseerd was en omdat ze ook nog eens goedkopere plastic / kunststof schaakstukken en borden produceerden. Wat overbleef was het ingeslapen dorp(je) Borstendorf.
Heden ten dagen is er nog een klein schaakstukkenmuseum in het Rathuis in Borstendorf en sinds 2012 is er de Schachwanderweg Borstendorf.
Deze Schachwanderweg Borstendorf is een wandelroute door de omringende bossen en velden en door het dorp Borstendorf zelf met daarin 16 Stationen / halteplaatsen met bij elk Station een groot handgesneden schaakstuk (Uiteraard 1x Koning, 1x Dame, 2x Toren, 2x Paard, 2x Loper en 8x een pion.) En dit zijn allemaal de typerende Borstendorfer Schaakstukken. En bovendien staat er bij elk Station een informatiebord met informatie over de schaaktraditie / geschiedenis van Borstendorf; van Schachbrettfabrik tot Schach in der Schule en van Schachsonderstempels tot een Schachfestwagen. Al deze teksten zijn van Bernd Nitzsche, lid van de Duitse GSM.
Ik heb de Schachwanderweg Borstendorf dit voorjaar (voorafgaande aan de GSM-bijeenkomst in Friedrichsrohda) gelopen en ik kan iedereen (wandelaar, schaker en geocoacher) van harte aanbevelen om dit ook eens te doen.
Er bestaan reeds de nodige ansichtkaarten van ‘Schachdorf Borstendorf.’ En uit mijn vele foto’s heb ik een collage samengesteld, waarvan ik ook een ansichtkaart gemaakt heb (zie boven). Een ansichtkaart die de diversiteit van de Schachwanderweg uitbeeldt. Namelijk met 16 verschil-lende grote handgesneden schaakstukken, met informatieborden over de schaakgeschiedenis van Borstendorf, met een grote wandschildering, een nog de wandschildering op het goederenstation. En dan was er in deze collage niet eens meer plaats voor bijvoorbeeld de openluchttentoonstelling met 2 schaakitems.
En dit jaar, in 2017, bestaat de Schachwanderweg Borstendorf 5 jaar. Reden voor Borstendorf om op 23 september een jubileumwandeling te organiseren. Dus als u op 23 september in de buurt bent, loop dan gezellig mee. En ga er anders een bij een andere gelegenheid langs, want voor alle schaak- verzamelaars is deze Schachwanderweg Borstendorf beslist de moeite waard om eens te lopen.