Het succes van de dubbeltentoonstelling Erwin Olaf is voor het Gemeentemuseum en Fotomuseum Den Haag aanleiding om in beide musea de tentoonstelling te verlengen tot en met zondag 16 juni.
Erwin Olaf is trots op het grote succes Ik heb dit vooraf niet zien aankomen. Je hoopt natuurlijk wel dat mensen enthousiast reageren wanneer je al die veertig jaar werk bij elkaar toont en de mensen uitnodigt om in jouw wereld te stappen. Het voelt voor mij ook kwetsbaar. Dat mensen laten blijken dat ze geraakt zijn door mijn werk ontroert me enorm.
Op dinsdagmiddag 16 april werd de 200.000ste bezoeker van de dubbeltentoonstelling Erwin Olaf feestelijk ontvangen in het Gemeentemuseum. De 200.000ste bezoeker werd door Erwin Olaf zelf gefeliciteerd. Ook ontving ze van hem een exemplaar van zijn boek ‘Erwin Olaf – I Am’ dat hij ter plekke voor haar signeerde.
Sara Rothé
En als u de tentoonstelling toch bezoekt, kijk dan als geïnteresseerd schaakreiziger in het Gemeentemuseum ook eens naar het poppenhuis uit circa 1745 van Sara Rothé:
Voor deze Voorjaarscontactdag had Jan Bulk een mooie locatie in Boskoop geregeld. Het was misschien even zoeken naar de ingang van het Zalencentrum De Loods, want die was aan de achterkant van de kerk. Maar eenmaal gevonden was er was een warm welkom voor de vroege vogels, want zij werden, met dank aan een gulle gever, onthaald op nog warme Boskoopse Tuintjes. Deze lokale lekkernij is te vergelijken met rondo’s en smaakte prima bij de koffie.
Het leek erop dat de leden intuïtief “aanvoelden” dat er een lekkere traktatie te halen was, want de opkomst was beduidend hoger dan bij de Contactdagen van de afgelopen jaren. Zeker 35 mensen hebben de bijeenkomst bezocht. Daaronder leden die al jaren niet meer op de Contactdag waren geweest en ook een aantal nieuwe leden. Het zou leuk zijn als dat de trend zou blijven op de komende Contactdagen.
Het werd wel een beetje krap met de tafelruimte, maar met de hulp van de uiterst vriendelijke invaller-beheerder van het zalencentrum kwam dat allemaal op z’n pootjes terecht.
Omdat de aanwezigen zo druk bezig waren met ruilen, verkopen, aankopen van schaakcollectabilia en gezellig aan het praten waren, werd besloten om het afspelen van muziekclips met schaakmotief uit het programma te schrappen. Dit zal op een volgende Contactdag opnieuw worden ingepland.
Na de lunch was het tijd voor de jaarlijkse Algemene Ledenvergadering. Er stonden geen prangende onderwerpen op de agenda en de financiële cijfers waren prima, dus meer dan een klein kwartiertje had voorzitter Henk Alberts niet nodig om de aanwezige leden langs alle agendapunten te loodsen. Daarom was er ruim de gelegenheid om een groepsfoto te maken.
Veiling
Daarna was het woord aan veilingmeester Nico van der Plas (net voor drie jaar bijgetekend) om 218 veilingkavels aan nieuwe eigenaren toe te wijzen. De 218 bijbehorende beelden werden door Joris Leijten op het projectiescherm getoond.
De hoogste veilingopbrengst was van een envelop van de Schaakolympiade 1954 te Amsterdam met daarop heel veel handtekeningen van deelnemers. Dit item ging voor € 117,50 naar een nieuwe eigenaar.
Goede tweede was een kaart uit 1946 met daarop veel handtekeningen van deelnemers aan het Staunton Wereldschaaktoernooi 1946 inclusief een stempel van dat toernooi. Hier was het eindbod € 95,-.
De “Bobby Fischer-verzamelmanie” van Nico Schoenmakers zorgde voor de nodige hilariteit tijdens de veiling. Ineens bleken heel veel veilingitems volgens de aanwezigen iets met Fischer te maken te hebben.
Zo werd van een foto van enkele schakers beweerd dat de foto was gemaakt door niemand minder dan Bobby Fischer en over een badhanddoek met schaakmotieven werd verteld dat niemand minder dan Bobby Fischer zich ermee had afgedroogd, en zo volgden er nog een paar komische kwinkslagen. Nico liet zich natuurlijk niet gek maken en zag er wel de humor van in.
Na afloop van de veiling werden de aankopen afgerekend en uitgeleverd door het vertrouwde team van de veilingmeester, zijn assistent en penningmeester Henny van Essen. Langzamerhand werden alle bezittingen ingeladen, nog een drankje gedaan en gingen de meeste aanwezigen huiswaarts. Elf aanwezigen vonden het een goed idee om nog een gezamenlijk bezoek aan restaurant De Chinese Muur in Boskoop te brengen en hebben daar prima gegeten.
Het was een zeer geslaagde bijeenkomst in Boskoop, dus er is alle aanleiding om hier nog eens terug te komen.
Het Gemeentemuseum Den Haag en het naastgelegen Fotomuseum houden van 16 februari t/m 12 mei 2019 een dubbeltentoonstelling met foto’s van Erwin Olaf. Dit als eerbetoon aan één van Nederlands meest beroemde foto-grafen, Erwin Olaf, (eigenlijk Erwin Olaf Springveld) die dit jaar zijn zestigste verjaardag viert. Erwin Olaf heeft tentoonstellingen in binnen- en buitenland gehad en prestigieuze opdrachten mogen uitvoeren. Zo maakte hij portretten voor het Nederlands koningshuis en een ontwerp voor de munt van Willem Alexander. Zijn fotografisch werk maakt deel uit van het Nederlands erfgoed en een ‘kerncollectie’ van zijn werk bestaande uit bijna 500 afdrukken, portfolio’s, video’s, magazines, boeken en posters is sinds mei 2018 in de collectie van het Rijksmuseum opgenomen.
In de dubbeltentoonstelling toont het Fotomuseum werk uit Erwin Olaf zijn ‘vroege periode’, grofweg de periode 1980 tot 2000. Daarbij toont het fotomuseum nog een overzicht van zo’n twintig fotografen die een inspiratiebron voor Erwin Olaf hebben gevormd. En het gemeentemuseum belicht de latere periode, de periode waarin Erwin Olaf de ontwikkeling doormaakte van een analoog werkende fotojournalist naar een digitale beeldmaker en verhalenverteller. Deze tentoonstelling eindigt in het heden, namelijk bij Erwin Olaf zijn meest recente, nog niet eerder getoonde serie Palm Springs.
Bij de vroegste werk van Erwin Olaf (welke nu in het fotomuseum te zien is) hoort ook de serie Chessmen. In deze serie geeft Erwin Olaf zijn interpretatie van de alle 32 (zie ook hier) schaakstukken middels een reeks symbolische tableaux vivants. Ter verbeelding van de verhoudingen tussen koningen, lopers, paarden, torens en pionnen zijn de fier poserende modellen met bizarre (heersers- en overheersings-) attributen uitgerust, waaronder gehoornde en bepluimde helmen, zwepen, bullenpezen, spinrag, touwen, riemen en tuigjes, kunstpenissen en meer. 32 Vervreemdende zwart/wit foto’s van schaakstukken, zoals hierboven getoond. Voor deze serie Chessmen uit 1988 ontving Erwin Olaf destijds de prijs voor jonge Europese fotografen.
Het 170 jaar oude museum Boijmans van Beuningen in Rotterdam gaat binnenkort voor een ingrijpende verbouwing (kosten 223,5 miljoen) voor 7 jaar dicht. Grote delen van de collectie zijn al niet meer toegankelijk, maar voor de definitieve sluiting pakt men t/m 26 mei nog eenmaal groots uit met de tentoonstelling “Nederland ⇄ Bauhaus – pioniers van een nieuwe wereld.”
Een stukje geschiedenis: Bauhaus was een opleiding voor beeldend kunstenaars, ambachtslieden en architecten die in 1919 onder leiding van de architect Walter Gropius in Weimar werd opgericht. In 1925 verhuisde het Bauhaus naar Dessau, alwaar door het Architectenbureau van Walter Gropius een uniek gebouwencomplex gerealiseerd werd. Maar het Duitse nationaalsocialisme wilde van het Bauhaus af en dwong het in 1932 naar Berlijn te verhuizen. Nauwelijks een jaar later werd het Bauhaus door de Nazi’s gedwongen geheel te stoppen.
Bauhaus begon in Duitsland in de periode vlak na de 1e wereldoorlog als een revolutionaire academie voor architecten, kunstenaars en industrieel ontwerpers die werkten vanuit een ideaal om met innovatieve productietechnieken mooi en functioneel design voor iedereen toegankelijk te maken. De studenten dienden hun eigen creativiteit te exploreren, door te werken met de meest uiteenlopende materialen. Er werd bewust gezocht naar ontwerpen en architectuur die een maatschappelijke impact hadden. In de school werd les gegeven op een manier die nooit eerder was vertoond en beroemde kunstenaars als Paul Klee, Wassily Kandinsky, László Moholy-Nagy en Oskar Schlemmer maakten deel uit van het lerarenkorps.
In 2019 is het dus honderd jaar geleden dat het Bauhaus werd opgericht. Tijd voor grote herdenkingen, zowel in Weimar (in april) als in Dessau (in september) worden er dit jaar nieuwe Bauhaus musea opgericht. En ook de tentoonstelling in Rotterdam pakt met 800 objecten, (waarvan 200 uit eigen collectie) foto’s, meubels, keramiek, textiel, typografie en architectuur groots uit.
En natuurlijk staat er in het museum Boijmans van Beuningen ook een exemplaar van het beroemde Bauhaus schaakspel van Josef Hartwig te zien (zie foto).
Maar de focus van de tentoonstelling in Rotterdam is de relatie tussen Bauhaus en Nederland. Want zowel leraren als leerlingen verspreidden zich na 1933 over de wereld en een dertigtal studenten en docenten ging naar Nederland. Ze werden hier actief in kunst- en ontwerponderwijs en maakten ontwerpen voor de Nederlandse industrie. En weer later speelt Bauhausstudente Lotte Stam-Beese een grote rol in de wederopbouw van het Rotterdam van na de Tweede Wereldoorlog. En voormalig Bauhaus-docent Marcel Breuer bouwde de Rotterdamse Bijenkorf (geopend 1957).
Daarnaast ligt de focus van de tentoonstelling op de invloeden van allerlei andere kunstenaars en stromingen op het Bauhaus. Zo droegen verschillende Nederlanders bij aan het specifieke karakter van het Bauhaus, daaronder De Stijl, met het tijdschrift van o.a. Theo van Doesburg.
En daarbij worden naast het Bauhaus schaakspel ook nog een tweetal andere schaakspelen getoond. Beide schaakspelen weer heel anders dan het boven getoonde Bauhaus schaakspel.
Zo is er een schaakspel van Vilmos Huszár. Vilmos Huszár (1884-1960) kwam oorspronkelijk uit Hongarije maar vestigde zich in Nederland en trouwde met de Nederlandse freule Jeanne van Teylingen. Vilmos Huszár was één van de grondleggers van de kunststroming De Stijl en zijn schaakspel maakt in de tentoonstelling deel uit van een opstelling met een stoel van Rietveld, schilderijen van Mondriaan en nog een aantal andere typische kenmerken van de kunststroming de Stijl. (Afbeelding hiernaast.) Vooral onder invloed van Stijl kunstenaars als Theo van Doesburg evolueerde Bauhaus van het expressionisme naar het modernisme.
Dit schaakspel van Vilmos Huszár uit 1921 ligt normaliter in museum Belvédère in Heerenveen in depot, maar is nu eens een keer voor publiek toegankelijk. Wat dit exemplaar zo bijzonder maakt, is dat dit schaakspel van hout is. Dit waar andere bekende exemplaren, namelijk die in het Metropolitan Museum of Art in New York en die in het Museum für Kunst und Gewerbe in Hamburg – zie het boek van Rob Spaans – van aluminium gemaakt zijn.
En tenslotte staat er ook een schaakspel van Gustav Weidanz op de tentoonstelling. Gustav Weidanz (1889 – 1970) was leraar in Burg Giebichenstein, Halle, alwaar na het vertrek van Bauhaus in 1925 uit Weimar veel voormalige Bauhaus mensen terecht kwamen.
Gustav Weidanz maakte dit schaakspel met bord, dat duidelijk wat minder abstract dan boven getoonde ontwerpen, in 1928 van diverse houtsoorten als beuken, mahonie, berken en notenhout. Dit schaakspel staat normaliter in Kunstmuseum Moritzburg in Halle.
Van 13 december t/m 20 januari wordt er in de Centrale Bibliotheek in Rotterdam een bijzondere tentoonstelling van mooie en vreemde schaakspelen, historische weetjes en wonderlijke anekdotes over het schaakspel gehouden.
Wie aan de Centrale Bibliotheek in Rotterdam denkt, denkt aan het aan het grote schaakspel in de hal. Nu houdt de bibliotheek ook weer een tentoonstelling over schaken.
Uit de aankondiging bij de tentoonstelling in 2018-2019: Wist je dat er in de geschiedenis heel veel bijzondere schaakspellen zijn ontworpen? Al eeuwen heeft het schaakspel ontelbaar veel aanhangers: van de oude Perzen naar Napoleon tot de Wu Tang Clan. In deze tentoonstelling zien we mooie en vreemde schaakspelen, historische weetjes en wonderlijke anekdotes over het spel dat mensen al eeuwenlang verbindt.
Adres: Hoogstraat 110, 3011 PV Rotterdam Locatie: Centrale Hal Toegang: Gratis
De tentoonstelling doet denken aan de tentoonstelling uit 2005 zoals toen i.s..m. de Motiefgroep Schaken in de Centrale bibliotheek in Rotterdam gehouden werd.
Bij de Benefralux 2018, die op 10 november in Waalwijk plaatsvond was er voor de aanwezige deelnemers nog een extra verrassing: een duimstok met daarop het logo van de Motiefgroep Schaken.
Dit verslag kan niet anders dan beginnen met in herinnering te brengen dat deze Najaarscontactdag in Waalwijk tot stand was gekomen op initiatief van Godfried Couwenbergh. Helaas heeft Godfried deze contactdag zelf niet meer kunnen meemaken, omdat hij is overleden op 29 oktober 2018. Elders in deze Schaakkoerier kunt u een uitgebreid In Memoriam lezen. In de geest van Godfried werd de Najaarscontactdag een boeiende en gezellige bijeenkomst. Het was fijn dat Truusje Couwenbergh daarbij aanwezig was.
Bij aankomst rond 9 uur bleek wel dat er even geïmproviseerd moest worden, want bij Hotel Waalwijk was er nog even geen zaal gereed voor gebruik. Maar met mannen als Ger Dekker en Henny van Essen is dat snel geregeld en er stonden in een mum van tijd meer dan voldoende tafels opgesteld. Vervolgens kon er zoals gebruikelijk naar hartenlust worden geruild en gehandeld in de meest uiteenlopende schaakartikelen. Als de circa 25 aanwezigen even niet de uitgestalde waren aan het bekijken waren, werden er wel schaak- en andere nieuwtjes uitgewisseld met de andere schaakverzamelaars.
Of werden de gratis schaakboeken bekeken. Met dank aan Jan Rot, lid van de Motiefgroep Schaken, stonden er namelijk ettelijke dozen met schaakboeken uitgestald die door liefhebbers gratis konden worden meegenomen. Diverse leden hebben daar dankbaar gebruik van gemaakt.
Lezing Leo Hovestadt
Om 11 uur begon Leo Hovestadt met zijn lezing over Uitdagingen van het onderzoek naar de herkomst van het schaken. Leo’s lezing was een uitdaging aan het adres van de schaakliteratuur en de daarin gebezigde chronologie alsmede de route van de verspreiding van het schaakspel. Leo is van mening dat het schaakspel al veel eerder in Europa was dan de gangbare theorie ons wil doen geloven en heeft dat voor de aanwezigen aannemelijk proberen te maken. Nadat Leo aan het slot alle punten had afgewerkt waarop hij beloofd had terug te komen tijdens de lezing, was het tijd voor de lunch. Voor een schappelijke prijs konden de hongerige schaakverzamelaars met een kom soep en een paar broodjes energie voor de middag opdoen.
Alvorens ’s middags met de veiling te beginnen werd aan alle aanwezigen een BeNeFraLux-cadeautje uitgereikt; het ging dit keer om een mini-duimstok met het logo van de Motiefgroep Schaken erop. Inderdaad, deze Contactdag was ook bedoeld als Benefralux-meeting, maar er waren geen internationale gasten op af gekomen.
Daarna was het woord aan Nico van der Plas om de aanwezigen door de veiling te loodsen. De bijbehorende beelden van de 215 veilingkavels werden door Joris Leijten getoond. Spectaculaire bedragen bleven dit keer uit. Het duurste veilingitem ging voor 26 euro naar een nieuwe eigenaar; het ging om een prachtige oude schaakklok uit de jaren twintig van de vorige eeuw. Er is een sterk vermoeden dat deze schaakklok een mooie plaats in een schaakmuseum in Veenendaal krijgt.
Na de veiling werd er afgerekend, werden de aankopen verzameld en veiliggesteld, en werd er nog wat bijgekletst onder het genot van een drankje. Na het sluiten van de zaal zijn we met z’n negenen naar een restaurant in de binnenstad van Waalwijk gegaan, waar het goed eten en gezellig napraten over de geslaagde Contactdag was.