Themanummer ´´1e Schaakolympiade voor vrouwen te Emmen 1957´
“Een van de mooie dingen na afloop van een toernooi is het toernooiboek, waarin bij het doorlezen de beleving van “toen” wordt doorgemaakt. Van de schaakolympiade in Emmen 1957 is echter nooit een toernooiboek verschenen. Bijzonder; het was niet zomaar een Olympiade, maar in de historie van het schaken zelfs de 1e schaakolympiade voor dames. Hier werd de bakermat gelegd voor het volwaardige vrouwenschaak.”
Nico van der Plas heeft die omissie nu met veel verve ingevuld met een schaakkoerier van maar liefst 80 pagina’s over deze 1e schaakolympiade voor vrouwen in Emmen 1957.
In deze special over Emmen 1957 worden het toernooi en de dames breder en dieper voor het voetlicht te halen dan tot nu toe is gebeurd. Het was de tijd van net 10 jaar na de tweede wereldoorlog; vrouwen werden nog ontslagen of geacht ontslag te nemen wanneer ze trouwden en zwanger raakten. Kiesrecht voor vrouwen was er pas sinds 40 jaar. Het vrouwenschaak werd in de jaren ’50 ook niet als serieuze sport gezien voor dames en zo werd er ook over geschreven. In de media kwam dat naar voren met dubieuze verwijzingen naar sigaren rokende dames, handtasjes, de vrijgezelle scheidsrechter O’Kelly de Galway met 42 eva’s en ja, schaken in een dameskousenfabriek?!?!
Tot nu toe hebben we ca. 70 partijen weten te achterhalen. In deze special was daar geen plek voor, dus misschien komt er ooit ook nog een boek.
Daarbij is er nog veel te onderzoeken en te ontdekken over deze belangrijke maar bijna vergeten gebeurtenis in de geschiedenis van het schaakspel. Dus wie nog aanvullende informatie heeft, meldt zich alstublieft bij Nico van der Plas.
De Najaarscontactdag in Arnhem stond in het teken van het 35-jarig jubileum van de Motiefgroep Schaken. Ruud Wille had geregeld dat deze contactdag kon plaatsvinden in het ruime clubgebouw van schaakvereniging ASV. De ruimte was mooi, de catering was perfect, er was volop gratis parkeergelegenheid, kortom het was een prima locatie. Niet geheel toevallig was er tegelijkertijd in hetzelfde gebouw een bijeenkomst van de Nederlandse Bond van Schaakprobleemvrienden.
Bas de Haas, die van zowel de Motiefgroep als de Schaakprobleemvrienden lid is, hield bij beide verenigingen een informatief praatje over de wederzijdse verenigingen. Als dank daarvoor kreeg Bas het eerste exemplaar van een speciale munt officieel overhandigd. Deze munt is gemaakt ter gelegenheid van het 35-jarig jubileum van de Motiefgroep Schaken, die dus in 1984 werd opgericht. Op de voorkant staat het logo van de Motiefgroep, een afbeelding van Euwe zittend aan een schaakbord, het jaartal 2019, de vermelding ‘35 jaar‘ en een ‘1’ als waarde-aanduiding. Wat die waarde precies behelst blijft vooralsnog ongewis. De ‘2’ op de achterkant krijgt betekenis door de woorden ‘Mat in’ die eraan voorafgaan en het schaakprobleem dat daarboven is afgebeeld. Een zeer toepasselijk motief vanwege ons gezamenlijke evenement met de schaakprobleemvrienden. Het kostte Bas geen enkele moeite om het schaakprobleem op de munt op te lossen; misschien hielp het daarbij wel dat hij zelf ook de componist van dat schaakprobleem was. Het ontwerp en de totstandkoming van deze munt werd verzorgd door Henk Alberts en Henny van Essen.
’s Morgens was er verder alle gelegenheid voor ruil, koop en verkoop van allerhande zaken met schaakmotief. En natuurlijk voor het uitwisselen van schaaknieuwtjes of gewoon even bijpraten met de collega-schaakverzamelaars.
Veiling
De gehele middag was gereserveerd voor de veiling die eveneens in het teken van het 35-jarig jubileum stond. Veilingmeester Nico van der Plas had zichzelf een flinke klus op de hals gehaald door in plaats van de gebruikelijke 200 veilingitems zo’n 350 veilingitems op de veilinglijst op te nemen. Vaak was de inzetprijs ook weer een variant op die 35, dus bijvoorbeeld € 0,35, € 3,50 of de mooiste € 35. De bieders lieten in deze echter een steekje vallen, want geen enkele keer werd een verkoopprijs van € 350 gehaald. De hoogste opbrengst werd gelijk al bij het allereerste item van de veiling gehaald. Het betrof een briefomslag van Groningen 1946 met aantekenstrook nummer 1. Voor € 222,50 ging deze naar een nieuwe eigenaar. Het tweede item van de veiling zorgde voor de op een na hoogste opbrengst: € 202,50. Dat was voor een Nederlandse schaakpostzegel uit 1978 met verschoven opdruk.
Met wat extra assistentie werd de veiling vlotjes afgewerkt en afgewikkeld, zodat de zaal op tijd kon worden verlaten. Een elftal schaakverzamelaars en partners ging nog bij een lokale Chinees eten om weer een zeer geslaagde contactdag af te sluiten.
In Nijmegen is er van 12 oktober tot en met 6 januari 2019, geopend dinsdag t/m zondag van 11.00 tot 17.00, in het museum het Valkhof een tentoonstelling over Maria van Gelre te zien. Dit t.g.v. de restauratie van het middels crowdfunding gerestaureerde unieke 15e eeuwse gebedenboek van Maria van Gelre.
Naast het gebedenboek van Maria van Gelre zijn er op deze tentoonstelling ook belangrijke andere zaken uit Gelre uit haar tijd te zien. Daaronder 2 schaakitems:
1. De tegelvloer uit de Nederlands Hervormde kerk in Heukelum
2. De 14e-eeuwse kaarsenkroon uit de Walburgiskerk van Zutphen. Het schaakmotief daarin is door Rob Spaans in zijn Reisgids voor Schaakliefhebbers beschreven.
De tegelvloer uit Heukelum (door Rob Spaans / Joris Leijten)
De Nederlands Hervormde kerk in het Gelderse Heukelum (thans gemeente Limgewaal bij Gorinchem) was de oorspronkelijke verblijfplaats van een middeleeuwse tegelvloer met onder meer een schaakbordpatroon. Restauratiewerkzaamheden tussen 1963-1966 werden, zoals gebruikelijk, gecombineerd met archeologische opgravingen. Daarbij vond men de tegelvloer met schaakbordpatroon, welke eeuwenlang verborgen lag onder een later aangelegde vloer. Deze tegelvloer met schaakbordpatroon, gedateerd op de 1325-1375, belandde na de restauratie in het depot van het Rijksmuseum in Amsterdam.
Het betreft 10 verschillende delen alsmede nog een aantal losse tegels van deze tegelvloer bestaande uit rood-geel, zwarte en groene geglazuurde tegels met verschillende patronen. De vloer moet om en nabij 7 bij 7 meter hebben gemeten. Geheel in depot 385 cm x 320 cm. Overigens vond men onder deze tegelvloer ook nog een oudere (13e eeuwse) bakstenen vloer.
Joris Leijten was de verkondiger van het heuglijke nieuws dat een deel van die tegelvloer recentelijk dat depot heeft verlaten voor een tijdelijk verblijf op de tentoonstelling in Museum het Valkhof te Nijmegen (foto links, met op de achtergrond de kaarsenkroon uit Zutphen). Juist het deel met het schaakbordpatroon is daar tentoongesteld. Zowel het bijschrift op de tentoonstelling als in de catalogus verwijzen echter niet expliciet naar het schaakspel. De vraag is dan ook gerechtvaardigd of het schaakbord-patroon van de tegelvloer echt bedoeld was als een verwijzing naar het schaakspel. Die vraag kan met een volmondig ja worden beantwoord als we archieffoto’s (vorige pagina midden) van de rest van de tegelvloer bestuderen. Daarop zien we namelijk duidelijk ook contouren van een bord voor het zogenaamde molenspel. De conclusie kan niet anders luiden dan dat de makers van de tegelvloer bedoeld hebben een aantal verschillende bordspellen af te beelden, waaronder dus het schaakspel.
De kaarsenkroon uit de Walburgiskerk in Zutphen
De 14e-eeuwse kaarsenkroon die normaliter in de Sint Walburgiskerk in Zutphen hangt is gemaakt van verguld smeedijzer en heeft een doorsnede van 2,5 meter. De op de kroon afgebeelde figuren vormen een beeldverhaal en op twee plaatsen in dat verhaal zien we een man en een vrouw met tussen hen in een voorwerp waarvan de experts denken dat het een schaakbord zou kunnen zijn. In de middeleeuwse symboliek zou dit schaakspel symbool staan voor de hoofse, eerbare en trouwe liefde, voor de kerk één van de elementen voor een goed en vroom leven.
Voor meer details lees het boek de Reisgids voor schaakliefhebbers van Rob Spaans en voor een eigen oordeel: bezoek de tentoonstelling.
Het teruggevonden Lewis schaakstuk is op 2 juli op de veiling van Sotheby’s in Londen verkocht voor £ 735.000.
Na een biedgevecht tussen verzamelaars in Sotheby’s in Londen, betaalde een anonieme bieder deze som van £ 735.000 voor dit unieke schaakstuk. Dit enorme bedrag was 147.000 maal de £ 5 die de vorige eigenaar – een antiekhandelaar uit Edinburgh – er in 1964 voor betaalde. De nieuwe eigenaar van het schaakstuk is niet bekend gemaakt.
Voorspeld was dat deze “warder” (toren) tussen de £600,000 en £1 miljoen zou opbrengen. .
Alexander Kader, hoofd van Sotheby’s afdeling voor Europese beeldhouwkunst en kunstwerken, die het schaakstuk bijna een jaar lang liet bestuderen, vertelde dat dit een van de meest opwindende en persoonlijke herontdekkingen was die hij tijdens zijn carrière had meegemaakt. “Het was een voorrecht om zo’n uniek stukje geschiedenis te veilen en het was geweldig om dit Lewis schaakstuk de afgelopen week bij Sotheby’s te kunnen laten zien”, aldus Alexander Kader.
Het Rijksmuseum van Oudheden (RMO) in Leiden is in Nederland het Rijksmuseum voor de middeleeuwen. Je zou je dus in de collectie van dit museum ook de nodige schaakstukken verwachten. Dit zeker als je ziet wat er in andere musea en op middeleeuwse kastelen over deze periode op het gebied van schaken te vinden is. Echter tot nu toe had ik daar nog nooit iets van gezien. En ik had ook al eens in de elektronische collectie op internet op termen als ‘schaken’, ‘schaakspel’ of ‘schaakstuk(ken)’ gezocht, maar dat gaf helaas 0,0 als resultaat.
Dus was ik heel plezierig verrast en verbaasd, toen ik (tijdens de opening van) de tentoonstelling middeleeuwse tuinen in het Rijksmuseum van Oudheden ineens een veelheid aan schaakzaken mocht aantreffen. Deze tentoonstelling is te zien van 3 mei tot en met 1 september 2019 en het betreft een grote tentoonstelling met ruim 200 objecten.
In de tentoonstelling geven archeologische vondsten en kunstwerken een beeld van de weelde, het belang en de diversiteit van tuinen in de westers-christelijke en de oosters-islamitische wereld tussen 1200 en 1600. Hierbij wordt getoond welke bloemen en planten in de middeleeuwse tuinen groeiden en zijn
er herbaria en verluchte boeken met oosterse en westerse bloemmotieven en gedroogde planten. Maar u treft er ook middeleeuwse gereedschappen, een opgegraven gieter, zaden en veertjes, valkenkapjes, schaakstukken, medicijnpotten muziekinstrumenten, tegeltableaus en servies met bloemmotieven aan.
De verschillende typen middeleeuwse tuinen krijgen op de expositie elk een eigen ‘kabinet.’ De tentoonstelling begint met een moestuin (waar men groente zoals kool een peen e.d. kweekte om als moes op te eten (vergelijk ‘appelmoes’) met middeleeuwse gieters en een duimgieter. Na de moestuin volgen de kruidentuin en de siertuin, het besloten hof, de lusthof, het liefdeshof en de ‘religieuze’ hortus conclusus voor de uitverkoren Maria en Jezus Christus in de rol van ‘tuinman.’ En de tentoonstelling eindigt uiteindelijk bij de paradijstuin.
Wist u dat ons word paradijs is afgeleid van het Oud-Perzische woord ‘pairidaeza’, dat zoiets als omheinde tuin betekent. Zowel in de koran als in de bijbel is het paradijs beschreven als een tuin met eeuwig stromende rivieren, groenblijvende planten en dier en mens in harmonie.
Maar voor ons als schakers is op deze tentoonstelling vooral de liefdestuin het Paradijs. Uit de begeleidende tekst bij de tentoonstelling geef ik het volgende citaat:
“Veel middeleeuwse bordspellen zijn zeer geschikt om buiten te spelen, zoals triktrak en schaken. Het schaakspel was vaak een aanleiding, of smoes, om je langdurig met één persoon te kunnen afzonderen. Schaakstukken worden regelmatig bij opgravingen gevonden, vaak op locaties van (voormalige) kastelen, maar ook op plekken in de stad.” En hier vinden we in een en dezelfde vitrine (afbeelding) zomaar ineens:
5 ivoren schaakstukken (1300-1500) gevonden bij de Aalmarkt in Leiden
een benen schaakpaard (1375-1425) opgegraven bij de Olofspoort in Amsterdam
een houten schaakstuk (1550-1600) opgegraven bij de nieuwe Herengracht in Amsterdam
een speelbord (1600-1650) opgegraven bij de Oudezijds Voorburgwal in Amsterdam
Ik heb op internet proberen na te gaan wanneer deze – mij tot nu toe onbekende – schaakstukken opgegraven zijn. Slechts het benen schaakpaard kon ik terugvinden. Dit schaakstuk werd aangetroffen bij stadsarcheologisch onderzoek dat in 1969 in Amsterdam plaatsvond bij de Olofskapel nabij de voormalige Olofspoort. Het schaakstuk bevond zich in de grachtvulling die afkomstig was uit de periode 1375-1425. Vandaar dat het stuk gedateerd wordt als zijnde afkomstig uit dezelfde periode. Hiermee behoort dit schaakpaard tot de oudst bekende schaakstukken in Nederland. Opvallend is ook de abstract vorm van het schaakstuk. Hiermee sluit dit schaakstuk aan op de sterk gestileerde Arabische traditie. Het schaakstuk, gesneden uit been, betreft een paard. De vorm bovenaan stelt het hoofd van het paard voor en de drie evenwijdige inkepingen duiden op het dragen van een schild. Verder verwijzen de verticale lijnen beneden naar de plooien van een toernooikleed.
Van de 5 ivoren schaakstukken gevonden bij de Aalmarkt in Leiden kon ik verder geen informatie vinden. Daarbij is de Aalmarkt een locatie in het centrum van Leiden waar reeds sinds ongeveer 1200 stedelijke bewoning plaatsvindt. Een gebied waar eerst een concentratie ambachtslieden, met name smeden en later schoenmakers en leerlooiers gewoond hebben. Vanaf circa 1276 werd in dit gebied het St.-Catharinagasthuis gesticht en in 1862 werd hier de Aalmarktschool gebouwd. In dit gebied heeft de laatste halve eeuw het nodige archeologisch onderzoek plaatsgevonden. En daarnaast is er uit de ophogingslagen tegen deze beschoeiingen van de kade en de nabijgelegen gracht het nodige archeologisch materiaal omhoog gekomen. Maar over de vondst van de 5 ivoren schaakstukken kan ik echter niets specifieks vinden.
Van het houten schaakstuk (1550-1600) opgegraven bij de nieuwe Herengracht in Amsterdam neem ik aan dat het stamt uit een van de vele uit de grachten opgegraven sliblagen. Slib werd in dit gebied in het verleden veel gebruikt ter ophoging van de kades. En anders kan het houten schaakstuk stammen uit een noodopgraving welke hier af en toe bij funderingswerkzaamheden nodig geweest zijn. Bij die nood-opgravingen werd dan veelal een oude beerput leeg gehaald.
En over het speelbord (1600-1650) opgegraven bij de Oudezijds Voorburgwal in Amsterdam kan ik ook geen nadere gegevens vinden. Overigens betreft het een speelbord uit leisteen, waar de velden met een scherp voorwerp ingekrast zijn. Het plaatje is een beetje onduidelijk maar het betreft duidelijk geen 8×8 velden. En verder ontbreekt (niet ongebruikelijk in die tijd) de zwart-witte inkleuring van de velden. Nadere toelichting ontbreekt, maar mij lijkt het een speelbord en geen schaakbord.
Maar ook de literatuur komt in de tentoonstelling uitgebreid aan bod. Daarmee is het volgende schaaktechnische object op de tentoonstelling een boek. We vinden in de tentoonstelling een afbeelding van schaken in de Perzische tuin (1556-1565) en het hierbij afgebeelde boek – geleend uit de universiteitsbibliotheek Leiden – met een afbeelding van Tristan en Isolde schakende in de liefdestuin. Hierbij een paar citaten van begeleidende teksten bij de tentoonstelling: Middeleeuwers waren gefascineerd door de tuin als oord van liefde, waar geliefden elkaar – in het geheim – konden ontmoeten en zich terugtrekken. De liefdestuin, van de rest van de wereld afgezonderd, zagen zij als de plek voor een schaakspel, voor muziek en dans, een gestolen kus en het liefdesspel zelf.” .
“De tuin is in de middeleeuwse literatuur de plek om neer te zitten of liggen met je geliefde. Tuinen zijn plaats van akte voor ontmoetingen met onmogelijke liefde, zoals bij Tristan en Isolde, of een gedroomde geliefde, zoals in de gedichten van Hafiz. Ook officiële paren, zoals koningskoppels in de Perzische Shanama (Boek der Koningen), worden beschreven en afgebeeld in een liefleke tuin, zittend op tapijten, goed voorzien van eten, drinken en muziek.”.
Het verhaal van Tristan en Isolde schakend in de liefdestuin is een literaire thema, dat in boeken maar ook op trippen (overschoenen) te zien is. De tentoonstelling toont ook nog een unieke leren snip die in 1979 in de binnenstad van Leiden, nabij de Boterwaag, gevonden werd. Want bij graafwerkzaamheden voor de aanleg van een rioolsleuf werden verscheidene laat- en postmiddeleeuwse ophogings- en afvallagen aangesneden en werden talrijke vondsten gedaan. Daarbij werd de leren snip in een ‘verrommelde’ berg uitgegraven grond gevonden. Een dergelijke vondst wordt door archeologen een ‘losse vondst’ genoemd, hetgeen wil zeggen dat een object los van zijn vondstcontext is aangetroffen en daardoor niet direct in verband gebracht kan worden met de overige artefacten of aanwezige grondsporen. Het leren trippenblad wordt gedateerd op circa 1400.
Een bijzonder detail: de trip ligt in een vitrine met een paar pullen, want “afbeeldingen van minnende paren in de tuin tonen meestal een karaf, glazen of een bierpul: kussen maakt dorstig.”.
De driehoekige trip is rijk versierd. De centrale voorstelling bestaat uit geliefden Tristan en Isolde aan weerszijden van een schaakbord (met maar 16 velden). Op de voorgrond bevindt zich een waterput en op de achtergrond een boom. En naast de schakende draagt het trippenblad de hoofse tekst ‘Altoes blide so wat ick lide’, hetgeen zoveel betekent als ‘steeds verheugd, (maar) evenzeer lijd ik’. De voorstelling is aangebracht volgens het procedé van het zogenaamde blinddrukken, waarbij het leer eerst vochtig werd gemaakt en daarna met een verwarmde metalen stempel werd bedrukt.
Dergelijke trippen werden meer in Holland gevonden. Ze vormden de bovenbladen van laatmiddeleeuwse slippers, een schoeiseltype dat, zo blijkt uit talrijke icono-grafische bronnen, vooral door vrouwen gedragen werd. De bovenbladen kunnen met verschillende voorstellingen versierd zijn, zoals fabeldieren, afbeeldingen van een bruid en bruidegom, of voorstellingen met de boomgaardscène uit de roman van Tristan en Isolde, waarvan sprake is bij dit exemplaar uit Leiden. Men vermoedt dat dergelijk rijk versierde trippen door de bruidegom als huwelijksgift aan de bruid werden geschonken. Bekend is ook dat in verschillende steden door het bruidspaar schoenen aan de bruiloftsgasten werden geschonken.
Bij de tentoonstelling hoort ook het boekje ‘Middeleeuwse tuinen – aardse paradijzen in oost en west, 1200-1600’. (96 pagina’s, full colour, prijs: € 12,50.) Dit boekje is gemaakt onder redactie van Annemarieke Willemsen, conservator collectie Nederland middeleeuwen van het Rijksmuseum van Oudheden. En dittentoonstellingsboekje is voor ons schakers nog een extra toegift met een hoofdstuk ‘schaken in de tuin’ en met een aansluitend hoofdstuk ‘Tristan en Isolde in de boomgaard. Dit laatste hoofdstuk met een afbeelding van het boek waarin Tristan en Isolde in de liefdestuin zitten te schaken, alsmede met een verwijzing naar een trip (de overschoen, aanwezig in de tentoonstelling), waarop ditzelfde te zien is.
En de hoop is natuurlijk dat we in de nabije toekomst meer (middeleeuwse) schaakobjecten in het RMO gaan aantreffen.
Een korte samenvatting over de Lewis schaakstukken. In 1831 werd op het Schotse eiland Lewis een flinke verzameling ivoren voorwerpen gevonden. Van die verzameling waren tot dusverre 93 stuks geïdentificeerd en gelokaliseerd. Het gaat om 78 schaakstukken, 14 andersoortige speelstukken en 1 gesp. Ze zijn in de tweede helft van de 12e eeuw gemaakt. Het grootste deel van de Lewis schat, namelijk de gesp plus de andersoortige speelstukken en 61 schaakstukken, bevinden zich nu in het British Museum in Londen. In het Museum nan Eilean in Stornoway (op het eiland Lewis) bevinden zich 6 schaakstukken, die het British Museum aan de eilanders in permanente bruikleen heeft gegeven. De resterende 11 schaakstukken bevinden zich in het National Museum of Scotland in Edinburgh. In totaal zijn er 8 koningen, 8 dames, 16 lopers, 15 paarden, 12 torens en 19 pionnen, hetgeen doet vermoeden dat er ooit 4 complete schaaksets waren. Dat zou betekenen dat we nog op zoek zijn naar 1 paard, 4 torens en 45 pionnen.
En nu is er dan waarschijnlijk een van die ontbrekende schaakstukken, een toren, gevonden. De woordvoerder van de familie die het schaakstuk bij Sotheby’s heeft aangeboden kon de geschiedenis van het schaakstuk vanaf 1964 nauwgezet uit de doeken doen. Zijn grootvader was toentertijd antiekhandelaar in Edinburgh en hield zijn aankopen keurig in de boeken bij. Die boeken zijn altijd bewaard gebleven en daarin staat dat de antiekhandelaar het Lewis schaakstuk in 1964 van een collega had gekocht voor het luttele bedrag van £ 5,-! De aankoop werd ingeboekt als een “Antiek Strijder Schaakstuk van walrustand” en het werd opgeborgen. Beide handelaren hebben zich nooit gerealiseerd dat het om een schaakstuk gaat dat mogelijk deel heeft uitgemaakt van de beroemde en kostbare Lewis schat. Na de dood van de antiekhandelaar erfde de moeder van de woordvoerder het bijna 9 centimeter hoge schaakstuk. Al had ook zij er geen benul van wat ze in handen had, het schaakstuk had voor haar een bepaalde magische aantrekkingskracht en ze bewaarde het zorgvuldig opgeborgen in een lade. Af en toe haalde ze het kleinood te voorschijn om het te bewonderen.
Waarom het schaakstuk nu dan toch bij Sotheby’s is aangeboden is niet bekend. Het veilinghuis heeft er circa 6 maanden over gedaan om de authenticiteit van de Lewis toren te onderzoeken. Een belangrijk aandachtspunt daarbij is de kleur van het nieuw ontdekte Lewis schaakstuk. Het heeft namelijk een veel bruinere tint dan de 78 andere Lewis schaakstukken, die een veel meer bleke ivoorkleur hebben.
Desondanks heeft het onderzoek door de experts van het veilinghuis in elk geval hun twijfels over de authenticiteit van dit schaakstuk weggenomen. Daarom heeft men nu de vondst wereldkundig gemaakt en aangekondigd dat het schaakstuk op 2 juli 2019 bij Sotheby’s zal worden geveild. Het veilinghuis schat dat de uiteindelijke verkoopprijs ergens tussen de £ 600.000 en £ 1.000.000 zal liggen.